10 juli 2026
WIA-beoordeling: wanneer start je aanvraag en dossier?
De WIA-aanvraag start automatisch rond de 87e ziekteweek: UWV stuurt de werkgever een aanvraagformulier. De werknemer ontvangt kort daarna een uitnodiging voor het spreekuur van de verzekeringsarts. De uiterlijke deadline voor het indienen van het re-integratieverslag is de 91e ziekteweek.
Het re-integratieverslag is het belangrijkste document in de aanvraagprocedure. Het bevat het plan van aanpak, alle bijstellingen daarvan, het oordeel van de bedrijfsarts over de belastbaarheid en de inspanningen van werkgever en werknemer in de afgelopen twee jaar. Een onvolledig of slecht onderbouwd re-integratieverslag vergroot de kans op een loonsanctie of een vertraging in de beoordeling.
Zorg ervoor dat het dossier compleet is vóór de 91e week. Ontbrekende stukken kunnen leiden tot een verlenging van de loondoorbetalingsverplichting voor de werkgever. Controleer of alle probleemanalyses, bijstellingen van het plan van aanpak en eerstejaars- en eindevaluaties aanwezig zijn.
Wil je je zieke werknemer goed voorbereiden op de WIA-beoordeling en wil je grip houden op het proces? De Masterclass Goed voorbereid naar de WIA-beoordeling geeft je de kennis en tools om dat te doen.
Welke medische en arbeidskundige onderzoeken krijg je?
De WIA-beoordeling bestaat uit twee fasen: een medisch onderzoek door de verzekeringsarts en een arbeidskundig onderzoek door de arbeidsdeskundige.
De verzekeringsarts beoordeelt de functionele mogelijkheden van de werknemer. Hij of zij spreekt met de werknemer, vraagt informatie op bij de behandelend arts of specialist en stelt op basis daarvan een Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) op. De FML beschrijft per categorie wat iemand nog kan: fysiek, mentaal en sociaal. De verzekeringsarts legt zijn bevindingen vast in een rapport.
De arbeidsdeskundige gebruikt de FML om te bepalen welke functies de werknemer nog kan uitoefenen. Hij of zij zoekt via het CBBS (Claimbeoordelings- en Borgingssysteem) naar passende voorbeeldfuncties op de arbeidsmarkt en berekent op basis daarvan de resterende verdiencapaciteit, oftewel het loon dat iemand ondanks zijn beperkingen nog kan verdienen. Die verdiencapaciteit is de basis voor het arbeidsongeschiktheidspercentage.
Praktische tips voor het gesprek met de verzekeringsarts
Het spreekuur bij de verzekeringsarts duurt doorgaans 45 tot 60 minuten. Een goede voorbereiding maakt het verschil.
Beschrijf je klachten concreet en in de context van dagelijks functioneren. Zeg niet ‘Ik heb rugpijn’, maar ‘Ik kan niet langer dan twintig minuten achter elkaar zitten en moet daarna minimaal een kwartier liggen’. Beschrijf ook hoe een gemiddelde dag eruitziet: hoe laat je opstaat, wat je wel en niet kunt doen, wanneer de klachten toenemen.
Neem relevante stukken mee: brieven van behandelaars, medicatieoverzicht, eventuele psychologische rapporten. Je mag iemand meenemen als ondersteuning. Stel vragen als iets onduidelijk is en vraag om uitleg over de FML die wordt opgesteld.
Na het spreekuur ontvang je het rapport van de verzekeringsarts. Controleer dit zorgvuldig op feitelijke onjuistheden en reageer tijdig als je het er niet mee eens bent.
Hoe bepaalt UWV je arbeidsongeschiktheidspercentage?
Het arbeidsongeschiktheidspercentage wordt berekend door het maatmanloon te vergelijken met de resterende verdiencapaciteit.
Het maatmanloon is het loon dat de werknemer verdiende voor de uitval, omgerekend naar een uurloon op basis van de cao of het feitelijke loon. De arbeidsdeskundige zoekt vervolgens via het CBBS drie passende functies die de werknemer, gegeven de FML, nog kan uitoefenen. De middelste loonwaarde van die functies is de resterende verdiencapaciteit.
Een rekenvoorbeeld: een werknemer verdiende 3.000 euro per maand. De resterende verdiencapaciteit op basis van de voorbeeldfuncties is 1.500 euro per maand. Het verlies is 50 procent, dus het arbeidsongeschiktheidspercentage is 50 procent.
De grenspercentages die bepalen hoeveel uitkering volgt zijn:
- Minder dan 35 procent arbeidsongeschiktheid: geen WIA-recht
- 35 tot 80 procent: WGA-uitkering (Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten)
- 80 procent of meer, maar kans op herstel: WGA-uitkering
- 80 procent of meer, duurzaam: IVA-uitkering (Inkomensvoorziening Volledig Arbeidsongeschikten)
Het grenspercentage heeft grote financiële gevolgen voor zowel de werknemer als de werkgever, met name voor eigenrisicodragers die de WGA-lasten zelf dragen.
WIA-beoordeling: uitslag, bezwaar en herbeoordeling uitgelegd
Na de beoordeling ontvang je een besluitbrief van het UWV. Daarin staat het arbeidsongeschiktheidspercentage, de indeling in WGA of IVA en de ingangsdatum van de uitkering.
Ben je het niet eens met de uitslag? Je hebt zes weken de tijd om bezwaar te maken. Doe dit altijd schriftelijk en onderbouw je bezwaar met medische informatie van je behandelaars die ingaat op de FML. Een verzekeringsarts of arbeidsdeskundige van een extern bureau kan een second opinion geven die als tegenrapport dient.
Na de bezwaarfase volgt indien nodig beroep bij de rechtbank en daarna hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep. De procedures kunnen lang duren, dus begin tijdig met het verzamelen van onderbouwing.
Naast bezwaar maken is er ook de mogelijkheid van herbeoordeling als de situatie verandert. Verbetert de gezondheid en neemt de belastbaarheid toe? Dan kan UWV het percentage naar beneden bijstellen. Verslechtert de situatie? Dan kan een hogere indeling worden aangevraagd. Een wijziging in werksituatie, zoals ontslag of het starten van een nieuwe baan, kan ook aanleiding zijn voor herbeoordeling.
Wil je meer weten over de WIA en wat die betekent voor jouw organisatie? Bekijk de Masterclass Goed voorbereid naar de WIA-beoordeling.